Coachend Leidinggeven voor meer zelfsturing


Wil je als leidinggevende medewerkers ontwikkelen naar meer zelfsturing? Dat bereik je door begeleiding, autonomie en de juiste hoeveelheid sturing en ondersteuning te bieden die op dat moment nodig is. In deze blog lees je hoe je je stijl kunt aanpassen als leidinggevende met behulp van het situationeel leiderschapsmodel. Na het lezen van deze blog kun jij je gedrag aanpassen aan de medewerker.


Coachend leidinggeven

Coachend leidinggeven doe je wanneer je het beste uit medewerkers wilt halen. En wanneer je zelforganiserende teams wil creëren die snel in kunnen spelen op veranderingen in de omgeving. Met meer coachend leidinggeven versnel je de ontwikkeling en groeit de productiviteit en betrokkenheid van medewerkers. Coachen alleen is niet altijd succesvol. Coachend leidinggeven is een competitie. Een succesvolle leider is flexibel in zijn of haar manier van leidinggeven. Je past je aan aan de communicatie en het gedrag van de medewerker. Dit kun je bijvoorbeeld doen met behulp van DISC. Ook pas je je aan aan het niveau en de motivatie van de medewerker. Daarvoor kun je het situationeel leiderschapsmodel van Hersey en Blanchard gebruiken.

Situationeel leiderschapsmodel

Het situationeel leiderschapsmodel van Hersey & Blanchard, stelt dat er vier basisstijlen van leiderschap zijn.

De stijl van de Agile Leider verschilt per situatie op de volgende:

  • Ondersteuning: weinig tot veel ondersteuning (mensgericht/relatie)

  • Sturing: weinig tot veel sturing (taakgericht)


Taakvolwassenheid en motivatie medewerker

Als leidinggevende pas je je stijl aan op de taakvolwassenheid en motivatie van de medewerker. Taakvolwassenheid: combinatie van kennis, ervaring en vaardigheden. Motivatie: combinatie van zelfvertrouwen, motivatie en toewijding.

Wanneer de taakvolwassenheid en motivatie hoog is, kunnen we spreken van een zelfsturende medewerker.

Situationeel Leiderschapsmodel (Hersey & Blanchard)

Vier leiderschapsstijlen:

S1: Instrueren (veel taakgericht, weinig mensgericht)

Kenmerkend voor een situatie met deze leiderschapsstijl is een situatie waarbij een medewerker een hoge mate van sturing nodig heeft. Heb je als leidinggevende deze stijl als voorkeur, zul je je vooral directief opstellen. Kenmerkend hieraan is dat je graag vertelt wat er gedaan moet worden (soms in niet al te veel woorden). Een leider met deze stijl stuurt zijn medewerkers een bepaalde richting op waarbij van belang is dat ze zijn instructies opvolgen en op deze manier het doel behalen. Instueren is effectief wanneer een medewerker weinig tot geen ervaring heeft. Het instrueren kun je als leidinggevende ook overlaten aan een andere medewerker wanneer iemand bijvoorbeeld net in dienst komt.


S2: Begeleiden (veel taakgericht, veel mensgericht)

In deze stijl van leidinggeven zal de leider richting geven en tegelijkertijd de medewerker(s) wel de ruimte geven om te vragen naar uitleg. Een dergelijke stijl van leidinggeven zou van toepassing zijn wanneer je te maken hebt met een team welke behoefte heeft aan sturing, tekst en uitleg en waarbij het competentieniveau of de motivatie nog niet heel hoog is. In deze stijl is het belangrijk dat de medewerkers uitleg krijgen waarom bepaalde taken verricht moeten te worden en wat ze er zelf uit kunnen halen. Hoe doe je dat? Je kan de dag bijvoorbeeld beginnen met kort overleg waarbij je samen de doelen en de bijbehorende taken van de dag doorloopt. Het team krijgt op deze manier ruimte en vertrouwen dat meningen en perspectieven er toe doen om het werk zo goed mogelijk te doen.

S3: Ondersteunen (weinig taakgericht, veel mensgericht)

In deze leiderschapsstijl heb je een aanmoedigende en coachende manier van leidinggeven. Je stimuleert het gesprek en discussies met medewerkers. De richtlijnen worden niet alleen door de leidinggevende bepaald maar vooral ook door het team die het uiteindelijke werk doet. Het is in deze stijl niet zo dat de leidinggevende alle besluiten neemt maar vooral de ruimte vrijhoudt voor de inbreng van de ander in bepaalde situaties. Vaak zijn teams in deze situatie al competent maar missen het vertrouwen om zelfsturend te zijn.




S4: Delegeren (weinig taakgericht, weinig mensgericht)

In deze stijl geef je als leidinggevende je werk en taken uit handen met het vertrouwen dat het daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Als leider zorg je voor de belangrijkste kaders waaraan gehouden moet worden en de randvoorwaarden die als richtlijnen gelden. Je stelt de middelen beschikbaar voor de uitvoer van het werk. Team hebben niet veel sturing nodig om hun werk uit te voeren en vragen weinig ondersteuning. Als leidinggevende delegeer je het werk en richt je je op de strategie en dien je het team.


Het is belangrijk dat je je eigen stijl van leidinggeven leert kennen en deze aan te passen aan de situatie. Hierdoor help je je medewerkers ontwikkelen en vergroot je hun zelfsturend vermogen.


Bij DE AGILE IMKER zijn we gespecialiseerd in het realiseren van Agile en Zelforganisatie. Boek onze Agile Leiderschap training voor meer zelforganisatie en zelfsturing in jouw organisatie, ook op afstand.

Meer lezen?

Lees ook onze blog over: